China verhandelt Claude-tokens met 90 procent korting
Anthropic laat Chinese klanten niet toe tot Claude. Toch werken ontwikkelaars in China gewoon met Opus en Sonnet, via tussenpersonen die tokens doorverkopen voor ongeveer een tiende van de officiele prijs. Onderzoeker Zilan Qian van het Oxford China Policy Lab beschreef die handel in een analyse voor ChinaTalk, die deze week werd opgepikt door The Decoder en Tom’s Hardware.
Hoe een transferstation werkt
De spil in dit circuit heet een “transferstation”, in de praktijk een API-proxy. Een ontwikkelaar in Shenzhen stuurt zijn verzoek naar zo’n proxy, die het via een server in het buitenland bij Anthropic aflevert en het antwoord terugstuurt. Betalen gaat in yuan via WeChat Pay of Alipay. Geen creditcard, geen identiteitscontrole. De doorverkoop loopt onder meer via Taobao.
Wat de markt taai maakt, is de arbeidsdeling. Qian beschrijft losse schakels die elk een stukje doen: partijen die op grote schaal accounts registreren, sms-diensten die buitenlandse telefoonnummers leveren, tussenpersonen voor identiteitsverificatie, proxynetwerken en detailverkopers. Wordt een aanbieder geblokkeerd, dan staat er volgens haar binnen enkele uren een vervanger klaar.

Waar de korting vandaan komt
De genoemde kortingen lopen van 70 tot ruim 90 procent onder het officiele tarief. Dat lukt met een reeks trucs: het gratis startkrediet van 5 dollar per nieuw account oogsten, kortingen voor onderwijs en zakelijke afnemers misbruiken, en een Max-abonnement van 200 dollar per maand uitsmeren over tientallen gebruikers.
Eén methode raakt de koper direct. In de Chinese gemeenschap heet het “verdunnen”: de proxy accepteert een verzoek voor Opus, rekent het Opus-tarief, en stuurt het achter de schermen naar Sonnet of naar een goedkoper Chinees model. Wie geen benchmark draait, merkt dat zelden. Bij een legitieme router is die routing juist zichtbaar en meetbaar, iets waar Stripe onlangs miljarden voor neertelde toen het OpenRouter overnam.
De echte rekening ligt bij de data
Elke prompt en elk antwoord passeert de tussenpersoon. Tom’s Hardware wijst erop dat operators die logs kunnen doorverkopen als trainingsmateriaal, wat een deel van het prijsverschil verklaart. Voor een bedrijf dat klantgegevens of broncode door zo’n proxy stuurt, is dat een datalek van eigen makelij.
Anthropic heeft de toegang de afgelopen tijd juist verder dichtgezet, met geoblocking, verificatie van betaalkaarten, biometrische identiteitscontrole en een verbod op bedrijven die voor meer dan de helft in Chinese handen zijn. Die maatregelen treffen de eindgebruiker, terwijl de infrastructuur eromheen intact blijft. Het past in een breder patroon waarin Washington ook Chinese cloudtoegang tot Amerikaanse chips onder de loep neemt.
Wat betekent dit
Toegangsbeperkingen op modelniveau zijn moeilijk te handhaven zodra er een prijsverschil van een factor tien tegenover staat. Chinese labs leveren inmiddels sterke alternatieven, en DeepSeek V4 Pro scoort hoog tegen een fractie van de kosten. Toch blijven ontwikkelaars specifiek Claude opzoeken voor programmeerwerk, en dat houdt de grijze markt in de lucht.
De prijsdruk werkt intussen twee kanten op. Westerse labs snijden zelf in hun tarieven, zoals OpenAI deed met de prijsverlaging van GPT-5.6 Sol. Hoe kleiner het gat tussen officieel en grijs, hoe minder reden een ontwikkelaar heeft om zijn prompts aan een onbekende tussenpersoon toe te vertrouwen. Voor Nederlandse organisaties met een ontwikkelteam in Azie is de les praktischer: controleer welk API-endpoint er in de code staat, en of daar echt het model draait waarvoor betaald wordt.
