Microsoft duwt eigen codeermodel naar alle Copilot-apps
Microsoft heeft zijn eigen codeermodel MAI-Code-1-Flash sinds 18 juni uitgerold naar acht extra Copilot-omgevingen. Het model werkt nu onder meer in Visual Studio, JetBrains-IDE’s, Xcode, Eclipse en de Copilot CLI, blijkt uit de changelog van GitHub. Daarmee maakt het bedrijf opnieuw duidelijk dat het minder wil leunen op OpenAI.
Van Build-aankondiging naar brede uitrol
Microsoft presenteerde MAI-Code-1-Flash op 2 juni tijdens Build en zette het model een week later live voor de eerste Copilot-gebruikers in Visual Studio Code. De stap van 18 juni breidt dat fors uit: behalve de IDE’s komt het model ook beschikbaar in de GitHub Copilot-app, Copilot Chat op GitHub en GitHub Mobile. Volgens de release-notitie geldt dat voor de plannen Free, Student, Pro, Pro+ en Max, terwijl zakelijke klanten en Enterprise later volgen. De uitrol gebeurt gefaseerd en loopt de komende weken op.
Wat het model technisch kan
MAI-Code-1-Flash is een sparse mixture-of-experts-model met 137 miljard parameters, waarvan er per taak ongeveer 5 miljard actief zijn. Het heeft een contextvenster van 256.000 tokens en kost op GitHub 0,75 dollar per miljoen invoertokens en 4,50 dollar per miljoen uitvoertokens. Microsoft AI stelt dat het model van de grond af is getraind op schone, herleidbare data, zonder distillatie uit modellen van derden. Op de eigen benchmarks zou het Claude Haiku 4.5 verslaan op prijs-prestatie en bij zware taken zo’n 60 procent minder tokens verbruiken. Dat zijn cijfers van Microsoft zelf, onafhankelijke metingen ontbreken nog.
Wie als ontwikkelaar met Copilot werkt, gaat straks niet merken welk model eronder draait. En dat is precies de inzet: Microsoft wil de regie over de hele keten terug.
— Leon Tindemans, AI-expert en Copilot- & ChatGPT-trainer. Meer hierover in de AI-trainingen van TTM Communicatie.
Wat betekent dit
De zet past in een lijn die CNBC al sinds Build signaleert: Microsoft bouwt eigen modellen om kosten te drukken en niet afhankelijk te blijven van een leverancier. Voor ontwikkelaars verschuift de keuze daarmee van losse modellen naar de vraag welk werk je waar laat doen. Dat Microsoft Claude Haiku als ijkpunt noemt, is veelzeggend nu Anthropic-modellen door een Amerikaans exportverbod moeilijker bereikbaar zijn. De druk op de markt neemt toe, ook nu Gemini 3.5 Pro nog in preview hangt en partijen als DeepSeek hun eigen infrastructuur opbouwen. Voor wie dagelijks in Copilot codeert, telt vooral of een goedkoper en sneller model het werk net zo goed doet. Eerder liet Microsoft met Windows en AI-agents al zien dat het de eigen omgeving stevig wil vullen.
