Humanoïde robots gaan de serieproductie in
2 mins read

Humanoïde robots gaan de serieproductie in

De discussie over humanoïde robots ging jarenlang over demonstratievideo’s op een podium. Nu gaat het over aantallen. Binnen een paar weken meldden Figure, AgiBot en Hyundai productiecijfers die laten zien dat deze machines de fabriek uit komen, niet als los prototype maar in oplopende series.

Figure passeert de duizend

Figure maakte op 23 juli zijn duizendste Figure 03 in de eigen BotQ-fabriek, meldt Humanoids Daily. Dat getal zegt minder dan het tempo erachter. Het bedrijf voerde de output op van ongeveer één robot per dag naar één per uur, een vertwintigvoudiging in minder dan vier maanden volgens Forbes. De eerste generatie van de BotQ-lijn moet tot 12.000 robots per jaar aankunnen, met als richtpunt 100.000 stuks in vier jaar. Dat is een andere schaal dan de handvol exemplaren waarmee de branche tot voor kort werkte.

Humanoïde robot werkt samen met een ingenieur aan een werkbank

China en Korea schalen mee op

In China rolde bij AgiBot de 15.000e robot van de band, schrijft Robotics & Automation News. Onderzoeksbureau Omdia zette het bedrijf over 2025 wereldwijd op de eerste plaats qua leveringen, met 5.168 stuks en 39 procent marktaandeel. Op de WAIC-beurs in Shanghai toonde AgiBot de A3 Ultra, een model dat draait op de Thor-chip van NVIDIA. De aansturing van dat soort machines leunt op dezelfde ontwikkelingen als Gemini Robotics 2 van Google DeepMind en op nieuwe soorten trainingsdata voor fysieke AI.

Ook autofabrikanten stappen in. Hyundai Motor Group wil meer dan 25.000 Atlas-robots van dochterbedrijf Boston Dynamics inzetten in zijn fabrieken, aldus de Korea Herald. De eerste komen in 2028 naar de Metaplant-fabriek in de Amerikaanse staat Georgia, gevolgd door een Kia-fabriek een jaar later. Dat sluit aan bij de recordbedragen die dit jaar naar fysieke AI vloeien.

Wat betekent dit

Productieaantallen zijn een nuchtere graadmeter. Ze laten zien of een technologie de sprong maakt van laboratorium naar werkvloer. De cijfers blijven bescheiden vergeleken met de miljoenen industriële armen die al in fabrieken staan, en de grote inzet bij Hyundai ligt pas over twee jaar. Toch verschuift het gesprek. Waar het eerder ging over de vraag of een robot een doos kan tillen, gaat het nu over kostprijs per eenheid en jaarvolume.

Voor Nederlandse bedrijven is de vraag vooral wanneer, niet of. De software die deze robots aanstuurt komt uit dezelfde hoek als de taalmodellen die kantoren nu al veranderen, en uit dezelfde automatisering die AI-agents chips laat ontwerpen. Wie nu kennis opbouwt over aansturing, veiligheid en integratie in bestaande processen, staat over een paar jaar niet met lege handen.