Kranten eisen sancties tegen OpenAI in rechtszaak
De juridische strijd tussen Amerikaanse nieuwsuitgevers en OpenAI is deze week flink opgelopen. Op 9 juli diende een groep kranten, aangevoerd door The New York Times, bij de federale rechtbank in Manhattan een verzoek in om OpenAI te bestraffen. De uitgevers verwijten het bedrijf dat het meer dan twee jaar lang verzweeg dat het zijn eigen trainingsdata en uitvoerlogs kon doorzoeken. Variety en het persbureau Reuters beschreven de kern van het 52 pagina’s tellende document.
Wat de uitgevers OpenAI verwijten
In de lopende auteursrechtzaak vroegen de kranten al lang om interne documenten die zouden aantonen dat hun artikelen zonder toestemming in de modellen van OpenAI belandden. Volgens de aanklagers hield OpenAI vol dat het zijn datasets niet kon doorzoeken. Dat beeld kantelde na een tweede verhoor van Vinnie Monaco, hoofd privacy-engineering bij OpenAI. Tijdens die verklaring in februari gaf hij toe dat het bedrijf de trainingsdata en uitvoerdata wél had doorzocht, aldus het gerechtelijke stuk dat US News en The Philadelphia Inquirer inzagen.
Naast The New York Times staan ook de New York Daily News, het Center for Investigative Reporting, The Intercept en Ziff Davis, het moederbedrijf van CNET, op de aanklacht. Zij willen dat de rechter sancties oplegt wegens het achterhouden van bewijs.

De reactie van OpenAI
OpenAI wijst de aantijgingen van de hand. Een woordvoerder liet aan Reuters weten dat The New York Times doorgaat met pogingen om de privacy te schenden van mensen die niets met de zaak te maken hebben, en noemde de beschuldigingen ronduit onjuist. Het bedrijf zegt de privacy van gebruikers te blijven verdedigen en beroept zich op fair use, de Amerikaanse leer die beperkt hergebruik van auteursrechtelijk werk toestaat.
De inzet is groot. Verliest OpenAI de bredere zaak, dan kan dat gevolgen hebben voor de manier waarop taalmodellen op journalistiek materiaal getraind mogen worden. Uitgevers zoeken al langer naar grip op dat proces. Cloudflare blokkeert AI-crawlers vanaf september standaard, en OpenAI koos eerder voor een licentieroute met de beelddeal met Getty Images voor ChatGPT. Ook rond beeldrechten spelen conflicten, zoals de zaak rond de ‘This is fine’-tekening.
Bredere druk op AI-labs
De rechtszaak past in een reeks juridische en politieke conflicten rond OpenAI. Apple sleepte het bedrijf recent voor de rechter in een geschil over bedrijfsgeheimen, terwijl toezichthouders in Europa met de EU AI Act boetes voorbereiden voor modellen die de regels overtreden. Transparantie over trainingsdata is in beide gevallen het terugkerende twistpunt.
Wat betekent dit
Een sanctie is nog geen eindoordeel over auteursrecht, maar het verzoek raakt wel een gevoelige plek: kunnen AI-bedrijven hun eigen data doorzoeken, en waren ze daar eerlijk over? Voor uitgevers is dat cruciaal, want zonder toegang tot die logs is nauwelijks te bewijzen dat hun artikelen zijn gebruikt. Voor OpenAI staat er reputatie en mogelijk een schadevergoeding op het spel. De rechter in New York moet nu beslissen of het bedrijf inderdaad bewijs achterhield. Die uitspraak bepaalt mede hoe hard andere uitgevers hun zaken kunnen maken.
