Japan bouwt eerste nationale AI-fabriek met NVIDIA
3 mins read

Japan bouwt eerste nationale AI-fabriek met NVIDIA

Japan zet een grote stap in de bouw van eigen AI-infrastructuur. Het ministerie van Economie, Handel en Industrie (METI) kondigde samen met NVIDIA en het bedrijf Noetra aan dat het land zijn eerste nationale AI-fabriek gaat bouwen. Dat blijkt uit een gezamenlijk persbericht van 16 juli. De installatie draait op NVIDIA’s nieuwe Vera Rubin-platform en moet Japan een eigen basis geven voor het trainen van grote AI-modellen.

Wat er precies gebouwd wordt

Volgens de aankondiging bestaat de fabriek uit 13.750 Vera-CPU’s en 27.500 Rubin-GPU’s, samen goed voor 140 megawatt aan datacentercapaciteit. Die rekenkracht wordt georganiseerd in Vera Rubin NVL72-racks, elk met 72 Rubin-GPU’s en 36 Vera-CPU’s, en aangestuurd via het DSX-platform. Voor het netwerk gebruikt Noetra NVIDIA Spectrum-X Ethernet en BlueField-DPU’s.

De omvang past bij de bredere uitrol van Vera Rubin. NVIDIA meldde eerder dit jaar dat het platform en de bijbehorende Vera-CPU dit najaar gaan leveren, met eerste systemen van Dell, HPE, Lenovo en Supermicro in het derde kwartaal, zo schrijft Data Center Knowledge. De Vera-CPU is een Arm-chip die specifiek voor agentische AI-workloads is ontworpen. Het is dezelfde generatie hardware waar ook Anthropic, OpenAI en Oracle Cloud Infrastructure op inzetten.

Robotarmen aan een assemblagelijn in een moderne fabriek

Modellen voor robotica en fysieke AI

De fabriek is geen doel op zich. De capaciteit ondersteunt het Japanse FRONTia-project, dat draait om multimodale foundation-modellen voor robotica en zogeheten physical AI. Japan koppelt dat aan zijn AI-roboticastrategie, die mikt op 30 procent van de wereldmarkt voor AI-robotica in 2040. De bedoeling is open multimodale modellen te ontwikkelen voor toepassingen in productie, logistiek, zorg en telecom.

Die richting sluit aan bij wat er in de sector gebeurt. Robotica leunt steeds zwaarder op AI-modellen die beeld, taal en beweging combineren, zoals te zien is bij Boston Dynamics dat zijn Spot-robot koppelt aan Gemini. NVIDIA-topman Jensen Huang plaatste het Japanse project in datzelfde licht: “Japan vond de moderne productie uit. Nu bouwt het de AI-fabrieken die de volgende industriele revolutie aandrijven.”

Een land als klant

Opvallend is dat een overheid hier optreedt als initiatiefnemer, niet een cloudreus. Waar bedrijven als Amazon met eigen chips proberen los te komen van NVIDIA, bindt Japan zich juist stevig aan diens platform om snel capaciteit te krijgen. Andere landen kozen eerder voor grootschalige staatssteun, zoals Zuid-Korea met een pakket van 880 miljard dollar voor AI en chips. Ook eerdere NVIDIA-samenwerkingen, zoals die met LG voor een AI factory in Korea, laten zien dat het “AI-fabriek”-model zich over Azie verspreidt. De vraag naar die hardware vertaalt zich intussen in cijfers, getuige de recordwinst van chipmaker TSMC.

Wat betekent dit

Voor Japan is dit een poging om niet afhankelijk te blijven van Amerikaanse en Chinese modellen, maar eigen foundation-modellen te trainen op binnenlandse rekenkracht. Of 140 megawatt genoeg is om echt mee te doen aan de top hangt af van wat er de komende jaren aan capaciteit bijkomt. Duidelijk is wel dat de strijd om AI zich steeds meer op het niveau van landen en energienetten afspeelt, en minder op dat van losse apps. Wie de fabrieken bezit, bepaalt straks mee welke modellen er gebouwd worden.