Amazon breidt bezorgdrones uit naar bijna 500 steden
Amazon wil zijn dronebezorging dit jaar opschalen naar bijna 500 Amerikaanse steden en dorpen. Dat is ruwweg zes keer het huidige bereik. TechCrunch bracht het plan op 19 augustus naar buiten, Amazon bevestigde de cijfers in een eigen nieuwsbericht. Voor een dienst die jarenlang vooral een demonstratie was, is dit de eerste keer dat Prime Air echt breed gaat.
Van elf locaties naar honderden plaatsen
Prime Air vertrekt nu vanaf elf locaties, verspreid over Arizona, Florida, Kansas, Louisiana, Michigan, Nebraska en Texas. Volgens TechCrunch komen daar dit jaar Georgia, Ohio, Illinois, Idaho en New York bij, met onder meer Chicago, Cleveland, Atlanta, Syracuse en Boise. Amazon vliegt pakketten tot ongeveer 2,3 kilo en belooft levering binnen dertig minuten, al ligt de praktijk vaker rond het uur. Prime-leden betalen niets boven de 50 dollar, daaronder 2,99 dollar; wie geen lid is betaalt 4,99 dollar. Het bedrijf zegt dit jaar al honderdduizenden pakketten per drone te hebben bezorgd.
David Carbon, vicepresident van Prime Air, zegt in de aankondiging dat klanten die snelheid vooral willen op momenten dat het echt uitmaakt. Dat is marketingtaal, maar het verklaart wel de keuze voor kleine, lichte zendingen in plaats van de volle boodschappenkar.
De autonomie zit in het uitwijken
De echte uitdaging zit in wat de drone onderweg zelf moet kunnen. Amazon vliegt onder een Part 135-certificaat van de Amerikaanse luchtvaartautoriteit FAA, de status die normaal voor commerciële luchtvaartmaatschappijen geldt. Aan boord zit een detect-and-avoid-systeem met camera’s en sensoren dat zelf kranen, kabels, vogels en daken moet herkennen en er omheen moet sturen, zonder dat een piloot meekijkt. Dat is dezelfde klasse probleem waar robots die lokaal beslissen met Cosmos 3 Edge tegenaan lopen: beslissen in milliseconden, op hardware die in het toestel past.

De drones vliegen volgens Amazon ook in lichte regen. Weersgevoeligheid hield dronebezorging jarenlang vast in een handvol zonnige testgebieden.
De ongelukken staan al op papier
Er is een reden om voorzichtig te zijn met de opschaling. In oktober 2025 botsten twee Prime Air-drones tegen de giek van een bouwkraan in Tolleson, Arizona. Eerder raakte een toestel een kabel in Texas, crashte er een in een tuin en vloog er een tegen een flatgebouw. Amazon keert nu juist naar Tolleson terug. Walmart, dat samen met Google Wing werkt, noemt zijn eigen netwerk het grootste van het land, dus de druk om snel te groeien komt van twee kanten.
Autonome systemen die de publieke ruimte in gaan, lopen steeds tegen dezelfde grens aan. Bij de robotaxi’s van Uber en Pony.ai in Europa gaat het over wie aansprakelijk is bij een aanrijding, bij een AI die een F-16 vliegt over wie de knop indrukt. Boven een woonwijk gaat het over wie er kijkt als er niemand kijkt.
Wat betekent dit
Voor Nederlandse bedrijven verandert er op korte termijn weinig. Europese regels voor vluchten buiten het zicht van de bestuurder zijn strenger en de EU-luchtvaartautoriteit EASA werkt met een ander vergunningsmodel dan de FAA. Wat wel telt, is het signaal: de techniek achter fysieke AI, waar dit jaar recordbedragen in gaan, verlaat het testlab en komt in gewone woonwijken terecht. Amazon bouwt daarmee ook een dataset van honderdduizenden echte vluchten, precies het materiaal dat een uitwijksysteem beter maakt.
Tegelijk laat het bedrijf zien hoe breed het inzet op autonome en assisterende software, van bezorging tot Alexa+ dat nu gratis op elke Fire TV draait. De vraag voor de komende maanden is simpel: houdt het aantal incidenten gelijke tred met het aantal vluchten, of niet. Dat cijfer bepaalt of toezichthouders elders de Amerikaanse aanpak durven overnemen.
