Microsoft geeft Copilot voorrang op Azure-klanten
Microsoft loopt tegen de grenzen van zijn eigen rekenkracht aan. Bedrijven die AI-diensten op Azure draaien, kunnen te horen krijgen dat er even geen capaciteit vrij is. De reden ligt gevoelig: Microsoft bedient eerst zijn eigen Copilot-producten en pas daarna de cloudklanten die voor diezelfde chips betalen. Financieel directeur Amy Hood bevestigde die volgorde, en dat zorgt voor onrust bij organisaties die hun AI-plannen op Azure hebben gebouwd.
Eigen producten eten eerst
Hood schetste de rangorde onomwonden. Microsoft reserveert rekenkracht eerst voor Microsoft 365 Copilot en GitHub Copilot, daarna voor eigen onderzoek en ontwikkeling. Wat daarna overblijft, gaat naar de Azure-capaciteit, terwijl de vraag daar juist blijft groeien. In gewone taal: de interne AI-ambities krijgen voorrang, externe klanten pakken de rest. CEO Satya Nadella verbond in een gesprek bij CNN een voorwaarde aan de AI-boom, namelijk dat er genoeg stroom en datacenters zijn om de vraag bij te benen.
Waarom de rekenkracht opraakt
Microsoft steekt dit jaar zo’n 190 miljard dollar in AI-infrastructuur, een recordbedrag. Toch blijft Azure naar verwachting tot minstens eind 2026 krap. Datacenters, stroomaansluitingen en versnellerchips zijn niet snel genoeg te bouwen, en de honger naar rekenkracht groeit harder dan het aanbod. Microsoft staat daarin niet alleen. Eerder werd bekend dat Nvidia voor honderden miljarden garant staat voor nieuwe datacenters van OpenAI, en dat chipmaker AMD miljarden in Anthropic steekt om extra capaciteit uit de grond te stampen.

Wat Azure-klanten merken
Voor bedrijven die op Azure rekenen is dit lastig nieuws. Wie een AI-project plant, kan wachttijden of regionale beperkingen tegenkomen, precies op het moment dat de eigen Copilot-diensten van Microsoft alle aandacht krijgen. Copilot maakt inmiddels zelf Word-, Excel- en PowerPoint-bestanden en trekt daarmee extra rekenkracht naar de consumentenkant. Ook de samenwerking met Mistral in Europa vraagt om infrastructuur. Op 29 juli presenteert Microsoft zijn kwartaalcijfers. Analisten letten dan vooral op hoeveel de capaciteitskrapte de groei van Azure afremt. Klanten die zekerheid willen, spreiden hun werk steeds vaker over meerdere aanbieders in plaats van alles bij een cloud onder te brengen.
Wat betekent dit
De schaarste laat zien dat AI niet alleen een softwarevraag is, maar vooral een gevecht om stroom en silicium. Zolang Microsoft zijn eigen producten voorrang geeft, betalen externe klanten deels de prijs van die keuze. Voor Nederlandse organisaties is de les nuchter: reken niet op onbeperkte capaciteit bij een enkele leverancier en houd rekening met wachttijden bij een grote AI-uitrol. Wie nu al nadenkt over een tweede aanbieder of een eigen buffer, staat straks sterker.
