Fields-winnaars waarschuwen voor AI in de wiskunde
3 mins read

Fields-winnaars waarschuwen voor AI in de wiskunde

Vijfentwintig winnaars van de Fields-medaille hebben een gezamenlijke verklaring ondertekend waarin ze zich keren tegen de manier waarop AI-bedrijven de wiskunde binnendringen. De tekst verscheen op 11 september op het blog van Terence Tao onder de titel “A Severe Misalignment of AI in Mathematics”. Zo’n collectief statement van de hoogste onderscheiding in het vak is zeldzaam.

Wat de wiskundigen schrijven

De kern van het bezwaar: de doelen van AI-bedrijven en die van de wiskundige gemeenschap lopen volgens de ondertekenaars “severely misaligned” uiteen, en dat vormt volgens hen een bedreiging voor intellectueel werk in bredere zin. Ze wijzen erop dat het oplossen van problemen in de wiskunde nooit het eindpunt is. “Solving problems is only a tool and proxy for achieving the primary goal”, staat in de brief. Dat primaire doel is begrip, en begrip groeit traag, in gesprekken tussen mensen die jarenlang aan hetzelfde stuk theorie werken.

Onder de namen staan Tao zelf, Peter Scholze, Maryna Viazovska, Maxim Kontsevich, Martin Hairer, James Maynard, Manjul Bhargava, June Huh, Caucher Birkar, Artur Avila en Yu Deng, die de medaille dit jaar kreeg. The Standard meldt dat de brief waarschuwt voor blijvende schade aan het vak als de race om beroemde open problemen zo doorgaat.

Twee onderzoekers in gesprek aan een tafel in een universiteitsbibliotheek

De aanleiding ligt bij Navier-Stokes

De verklaring komt kort nadat OpenAI liet weten dat een nog niet uitgebracht model in 88 uur, met duizenden parallelle agents, het Navier-Stokes-probleem had gekraakt. Dat is een van de zeven Millennium Prize Problems van het Clay Mathematics Institute, elk goed voor een miljoen dollar. Wij schreven eerder over de claim en de ruzie over de eer die erop volgde: NYU-wiskundige Tristan Buckmaster, die met Anthropic-onderzoeker Levent Alpoge parallel werk publiceerde over verwante vergelijkingen, verweet OpenAI zijn aanpak te hebben overgenomen nadat het nieuws over hun onderzoek rondging. OpenAI ontkent hun werk te hebben ingezien.

Het patroon dat de ondertekenaars beschrijven, gaat verder dan die ene zaak. Een aankondiging over een Millennium-probleem haalt de wereldpers. Een latere correctie haalt dat nooit. De verificatie van zo’n bewijs kost maanden, het persbericht een middag.

Een brief zonder stok achter de deur

De verklaring heeft geen enkele juridische werking. De ondertekenaars vragen de wiskundige gemeenschap, de AI-ontwikkelaars en de bredere samenleving om na te denken over wat dit tempo met intellectueel werk doet. Het gezag zit in de namen, niet in een sanctie. Redacteuren van tijdschriften en beleidsmakers zijn de feitelijke doelgroep.

Opvallend is dat de ondertekenaars niet tegen de techniek zelf zijn. Tao gebruikt AI-assistentie al jaren in zijn eigen werk, en formele bewijsassistenten winnen terrein. Eerder deze maand hielp AI wiskundigen aan een bewijs rond de Euler-vergelijkingen en formaliseerde Claude het bewijs van Fermat in dertien miljoen regels Lean. Dat werk verliep met controle vooraf en verificatie achteraf. Het verschil zit in het tempo en in wie de claim naar buiten brengt.

Wat betekent dit

Voor wie AI zakelijk inzet, is dit meer dan academisch gekibbel. Hetzelfde mechanisme speelt overal waar een model sneller een antwoord produceert dan een mens het kan narekenen: juridische analyses, financiële modellen, medische samenvattingen. De vraag is niet of het model iets kan, maar of je organisatie de verificatiecapaciteit heeft om bij te blijven. Zit die er niet, dan koop je snelheid en betaal je met onzekerheid.

Voor de AI-labs is de brief een reputatiesignaal. Ze rekruteren uit precies deze gemeenschap, en de Fields-winnaars die nu tekenen zijn dezelfde mensen die tot voor kort als adviseur aanschoven. Een van hen begon vorige week nog een eigen instituut voor AI-veiligheid. De race om open problemen gaat voorlopig door, maar de goodwill waarop die race drijft, is eindig.